Manuele Therapie Marsman(MTM) | Fysiotherapiepraktijk Kuiken- Siljée | Kuiken-Siljee

Manuele Therapie Marsman(MTM)

De Manuele Therapie Marsman (M.T.M) is een specifieke onderzoek- en behandelingsmethode gericht op het ongestoord functioneren van de wervelkolom. 

Na jarenlange, nauwgezette waarneming is deze methode zowel theoretisch als praktisch ontwikkeld door Jaap Marsman † en de huidige docenten Ben Gelevert en Herman Leferink. 

Om een goede behandeling te kunnen geven, is het van belang dat er eerst een gedegen onderzoek dient plaats te vinden naar het functioneren (bewegen) van de wervelkolom. Deze bewegingen komen tot uiting in fenomenen die individueel bepaald worden door de fysiologische (natuurlijke) bewegingspatronen van de wervelkolom. Wij duiden de laatste aan met de term 'voorkeursbewegingen'. Een ieder heeft zijn eigen manier van bewegen, zijn eigen voorkeur. Een voorbeeld hiervan is hoe iemand zijn armen over elkaar doet, zijn handen vouwt een bezem hanteert enz. Veel van deze bewegingen hebben een directe relatie met de wervelkolom. Hierbij spelen de biomechanische wetmatigheden een belangrijke rol. Een persoon die klachten heeft zal in 99% van de gevallen het langst in zijn/haar voorkeur kunnen blijven bewegen/ functioneren. Indien men iemands voorkeursbewegingen kent, kent men ook iemands beperkte functies. 

Het resultaat van de behandeling zal in de eerste plaats afhangen van het inzicht in en de kennis van het functionele bewegen en vervolgens van de technische vaardigheid in het uitvoeren van de handgrepen. De zo-even genoemde fysiologische bewegingspatronen zijn gebaseerd op het driedimensionale functionele bewegen zoals dat is beschreven o.a. door Stoddard en door Van de Bijl(Sr): In de M.T.M. worden vier typen onderscheiden.

De wervelkolom, die men als één totaliteit moet zien, wordt in de diagnostiek en therapie in drie functionele eenheden verdeeld: 

a. de lumbale wervelkolom (lage rug) in relatie met het bekken

b. de thoracale wervelkolom (borst wervelkolom) met ribben en sternum (borstbeen)

c. de cervicale wervelkolom (nek) in relatie met kop (zo wordt het hoofd in de MTM genoemd) en schedelbeenderen 


Zowel a, b als c kan onderverdeeld worden in kleinere functionele eenheden. De diagnostiek stelt het type vast van de voorkeursbeweging in de genoemde regio's van de wervelkolom. Daarbij wordt gebruik gemaakt van:

1. anamnese (vragen gesprek).

2. inspectie in rust en tijdens bewegen.

3. onderzoek van actieve en passieve beweging.

4. specifieke testen.

5. palpatie (onderzoekend voelen naar weefselspanning, pijnpunten, aanwezig structuren als spieren/banden/pezen enz.) - algemene palpatie en palpatie in relatie met de voorkeursbeweging van de wervelkolom.

(6. functionele röntgenfoto's in combinatie met video.) Deze tussen haakjes want maar in enkele gevallen wordt er beschikt over dergelijke uitslagen of mogelijkheden dit te onderzoeken. 

Bij een klachtenpatroon is er sprake van een verminderde mobiliteit op een of meer niveaus van de wervelkolom, waardoor er daar een dysbalans kan ontstaan in de statiek (houding). 

De therapie bestaat nu in het opheffen van deze onbalans door middel van een uiterst subtiele en gerichte mobilisering, waardoor de patiënt weer komt tot een voor hem zo gunstig mogelijke houding en manier van bewegen. De hardere manipulatieve technieken die in andere stromingen gebruikelijk zijn, worden niet binnen Marsman uitgevoerd. De benadering is onafhankelijk van de pathologie die aan de functiebeperking ten grondslag ligt. Dus ongeacht wat het probleem veroorzaakt, richt de behandeling zich op het opheffen van de bewegingsverstoring en zo het optimaliseren van het functioneren als mens.

De behandelingstechniek is in het algemeen eenvoudig, de diagnostiek daarentegen gecompliceerd. Verder verschaft de M.T.M. een specifiek, eigen kinesiologische inzicht in het bewegingsapparaat, wat in de fysiotherapie dienstig is op het gehele gebied van de bewegingstherapie. Door zijn zeer gerichte en subtiele gedoseerde uitvoering van de mobilisering, aangepast aan de presentie en klachten van de patiënt, kent de M.T.M. geen contra-indicatie. Wat inhoud dat M.T.M. toegepast kan worden bij alle klachten van het bewegingsapparaat. 

Met dit overzicht hebben we u een globale informatie over de M.T.M. verstrekt.

Niets is honderd procent:niet de kennis, niet de diagnostiek of de vaardigheid, vandaar dat wij er naar streven om de M.T.M. nog steeds verder te optimaliseren.